Margot Berkman | Portfolio Tags berkman
365
archive,tax-portfolio_tag,term-berkman,term-365,ajax_fade,page_not_loaded,,select-theme-ver-2.4.1,vertical_menu_enabled, vertical_menu_transparency vertical_menu_transparency_on,wpb-js-composer js-comp-ver-6.2.0,vc_responsive

Sint Jorisplein © Berkman en Janssens Parkeergarage Amersfoort 2001

Verleiding in de fundamenten van de oude Sint Joriskerk 

 

Architect Winkelcentrum: Cees Dam

Geopend door Albertine van Vliet, burgemeester van Amstelveen

Berkman en Janssens heeft dit site-specifieke kunstwerk gemaakt in opdracht van Multi Vastgoed Gouda

 

Archimedes in Wonderland © Berkman en Janssens 2001 tunnel Utrecht

Afmeting: 1500 m2  gedecoreerde tegels, 200 m2 schilderwerk op het plafond

 

Een fietstunnel als een sprookje.

 

Dat is sinds november 2001 te ervaren in de Utrechtse Archimedeslaan. Al trappend door de 60 meter lange buis kunnen fietsers hun verbeelding voeden met de tegeltableaus en schilderingen van het kunstenaarsduo Berkman en  Janssens. Het kunstwerk is gebaseerd op de uitvindingen van de Griekse mathematicus Archimedes en de avonturen van Alice in Wonderland.

 

In het stadhuis is een tentoonstelling ingericht over het ontstaan van het kunstwerk. De figuren van Alice in Wonderland zijn tot leven gewekt in hout en staan omgeven door de symbolen die naar Archimedes’ uitvindingen verwijzen, op uw komst te wachten. Een videofilm zorgt voor  de  beleving van de sprookjestunnel zonder dat u het stadhuis hoeft te verlaten.

 

De Opening is verricht door dhr. J. van Zanen, Wethouder Openbare Ruimte, Gemeente Utrecht.

 

Uit handen van de kunstenaars, ontvangt Dhr. J. van Zanen, het eerste exemplaar van de speciaal  voor deze tentoonstelling gemaakte zeefdruk ‘Archimedes in Wonderland ‘. De Koningin, de kat, de man met de hoed en het konijn, allemaal heffen ze met ons het glas op 18 december 2001 in het stadhuis te Utrecht.

 

 

Sisters in Paradise © Berkman en Janssens 2003 fietstunnel Utrecht

Afmeting: 400 m2  gedecoreerde tegels, 200 m2 schilderwerk op pijlers van de brug

 

Inspiratie uit tegelresten uit het voormalige klooster Mariëndal, of Maria ten Dael,

 

Deze week is het eindelijk zover, de onderdoorgang van de Marnixbrug heeft een heel nieuw uiterlijk gekregen. In opdracht van de gemeente Utrecht heeft het Utrechtse kunstenaarsduo Berkman en Janssens een prachtig tegeltableau ontworpen met de naam ‘Sisters in paradise’. Het tableau is op beide oevers van de Vecht onder de brug over de Marnixlaan aangebracht. De pijlers van de brug en het plafond hebben een nieuwe lage verf gekregen. Fietsers en wandelaars passeren nu een helder en vrolijk tafereel met dieren, omrand door tegels met Middeleeuwse motieven.

 

De afbeeldingen op de tegels van de Marnixbrug zijn geïnspireerd op de omliggende buurt en haar geschiedenis. De dieren waren ooit of zijn nog steeds te vinden aan de oever van de Vecht. De bloemmotieven op de tegels zijn afkomstig van afbeeldingen op gevonden tegelresten uit het voormalige klooster Mariëndal, of Maria ten Dael, dat in de omgeving van de Marnixbrug heeft gestaan. 

 

Het bureau Berkman en Janssens heeft het kunstwerk ontworpen. Zij zijn gespecialiseerd in kunst in de openbare ruimte. Mooie kunst, die even inbreekt in de gedachten van de passant. Het kunstwerk aan de Vechtoever is mede tot stand gekomen door de inzet van de Stichting Beheer Zuilense Vecht. Eerdere ontwerpen voor de onderdoorgangen bleken technisch onhaalbaar of te duur.

 

Eén van de bewoners contact gezocht met Berkman en Janssens en zij zijn toen, samen met een aantal bewoners, aan de slag gegaan met het ontwerp. Met nu, een half jaar later, mooie blauwe en oranje tegeltableaus langs De Vecht als resultaat. De tegels zijn van duurzaam materiaal, makkelijk te onderhouden en hebben een mooie uitstraling.

Les Dames et la Licorne © Berkman en Janssens 2004 Amsterdam

Een sprookjesachtige entree van winkelcentrum Bos en Lommer

 

Het kunstenaarsduo Berkman en Janssens is er in geslaagd in 2004 voor een primeur te zorgen: Een uniek vloerkunstwerk van 16 m x 40 m in combinatie met een roestvrij stalen hekwerk (5 m x10 m) vormen de verrassende entree van het winkelcentrum Bos en Lommer.

 

In de entree van het winkelcentrum aan het Bos en Lommerplein heten musjes in het hekwerk de bezoekers welkom en wijzen de weg naar het rijk gedecoreerde tegeltapijt dat de vloer van de begane grond siert. Het hekwerk met musjes en de vloer met sprookjesachtige dieren vormen samen “Les dames et la Licorne” dat het kunstenaarsduo in opdracht van AM heeft ontworpen en gerealiseerd.

 

Berkman en Janssens hebben met “Les dames et la Licorne ” wederom bewezen een originele invulling te kunnen geven aan het begrip “kunst in de openbare ruimte”.

 

Voor het eerst in Nederland is een kunstwerk van dit type en formaat, en op deze wijze voorzien van voorstellingen, geplaatst. Het openbare gebruik stelt hoge eisen aan de tegelvloer. Berkman en Janssens zijn er met hun tegelleverancier uit het Duitse Vorpommeren in geslaagd een speciale tegellijn te ontwikkelen die voldoet aan extreem hoge esthetisch- en duurzaamheid-eisen, en tevens een groot formaat voorstellingen (van onder ander  dier-figuren) met sprookjesachtige uitstraling toelaat.

 

Ook voor de constructie van het roestvrijstalen hekwerk is nauw samengewerkt met een leverancier. Met z’n geperforeerde vogelfiguren was het hek tevens de inspiratiebron voor het nieuwe logo van Winkelcentrum Bos en Lommer.

 

De openbare ruimte geeft op deze wijze het gevoel van iedereen te zijn waardoor de bezoekers het als zodanig zullen koesteren.

Sitting in Blue © Berkman en Janssens 2000 tunnel Rietveldhuis Utrecht

Alle stoelen van Rietveld zijn een grafisch feest voor het oog 

 

In 1999 heeft de gemeente Utrecht de opdracht gegeven de tunnel naast het Rietveldhuis te voorzien van een tegelkunstwerk. Berkman en Janssens hebben met toestemming van de erven van Gerrit Rietveld en in samenwerking met de Ida van Zijl, de Rietveld curator van het Centraal Museum hun idee over de onderzijde van de tunnel als extern interieur te beschouwen.

 

In het archief mochten zij een selectie van de originele Rietveld stoel-ontwerpen maken. Het resultaat was een serie schetsen en schilderingen. Het onderzoek naar composities / vlakverdelingen van het Rietveld Schröderhuis leverde een wandvullende compositie op in de echte, door Rietveld gebruikte kleuren licht grijs, donker grijs, rood, wit en blauw.

 

In 2000 is het Rietveld Schröderhuis op de UNESCO Werelderfgoedlijst geplaatst. Momenteel is de woning in beheer bij het Centraal Museum. Dit museum verzorgt rondleidingen door het gebouw en heeft daarnaast een uitgebreide collectie door Rietveld ontworpen meubelen, waarvan een gedeelte (waaronder de bekende rood-blauwe stoel) ook in het Rietveld Schröderhuis is te zien.

De Dames en het kleine Hondje © Berkman en Janssens 2004

Tienduizend gekleurde en witte tegels speciaal gemaakt voor de Betuweroute

 

Het kunstwerk van kunstenaarsduo Berkman en Janssens is geïnspireerd op de geschiedenis, verhalen en vondsten uit de buurt van de nieuwe onderdoorgang: de hazewindhonden uit het oude stadswapen, oude tegelmotieven uit de molen van de Molenweg en dieren en elementen uit het landschap.

 

Dit kunstwerk komt voort uit het ‘ Masterplan voor doorkruisingen in verstedelijkt gebied’ geschreven door Berkman en Janssens in opdracht van Projectorganisatie Betuweroute – Prorail. In totaal zijn er 7 kunstwerken als deze uitgevoerd, waarbij in elke plaats ook kunstlessen werden gegeven om de buurt en bewoners te betrekken bij hun openbare ruimte

 

 

Bloemenzee © Berkman en Janssens 2007 tunnel in Amsterdam

 

een zee van bloemen zorgt voor een vrolijk en veilig gevoel.

een kunstopdracht van de gemeente Amsterdam voor kunstenaarsduo Berkman en Janssens.

Kunstlessen aan 120 kinderen op scholen in Slotervaart over hoe wij als kunstenaars denken over de natuur en over hoe een opdracht van ontwerp tot realisatie wordt uitgevoerd.

Hebban olla Vogele Nestas Landgoed Pingjum 2010

Afmeting: 3,5 meter x 2,5 m (ensemble van twee delen)

 

Mevr. M. Guise’s woorden bij de onthulling:

 

‘Zoals jullie weten vertoef ik bij tijd en wijlen in Pingjum. In mijn prachtige tuin dool ik, lees ik, knip en snoei ik. Ik snuif de lucht op van het Friese Land. Dát doet me goed.

 

Achter in mijn tuin stond vroeger een achtkantige volière, vol exotische vogeltjes als ik de verhalen mag geloven. Toen ik tien jaar geleden hier kwam wonen, was het stenen fundament het enige wat er nog aan herinnerde. Margot Berkman is beeldend kunstenaar en heeft de laatste jaren beelden gemaakt, die mij inspireren. Ze zijn lieflijk en elegant; ze nemen je mee en laten je gedachten spelen. Het zijn vaak sprookjesachtige figuren die verwijzen naar de grotere verlangens van dit leven. Háár heb ik gevraagd om eens in mijn tuin rond te kijken om voor mij een kunstwerk te maken. Margot heeft gefotografeerd en geschetst, heeft hier gewerkt en gelogeerd. In haar werkwijze nemen de plek waarvoor ze iets maakt en de verhalen die een opdrachtgever vertelt, een belangrijke plaats in. Margot vertelde mij dat mijn liefde voor de literatuur, de contemplatie in mijn Hof, mijn paradijs en mijn liefde voor de natuur de inspiratiebron vormden voor het kunstwerk.

 

Margot Berkman vertelt: Mijn inspiratiebron, de middeleeuwse tapijtenserie ‘La dame à la Licorne’ vertelt middels het zesde kleed getiteld ‘A mon seul Désir’ over de universele liefde en het verlangen tot contemplatie. De oude pastorie en de 12e eeuwse gotische kerk van Pingjum, het verlangen naar dáár te zijn en de weidsheid en rust van het landschap onderstrepen dat idee. De titel van het kunstwerk ‘Hebban olla vogele nestas’ is ontleend aan de oudste dichtregel uit de Nederlandse literatuur:

 

Quid expectamus nunc
Abent omnes volucres nidos inceptos nisi ego et tu
Hebban olla vogele nestas hagunnan hinase hic
Enda thu wat unbidan we nu

(12 e eeuw, anoniem)

 

Gerrit Komrij heeft er in zijn bundel ‘in Liefde Bloeyende’ zo prachtig over geschreven: ‘Zijn alle vogels aan hun nesten begonnen- behalve ik en jij- waar wachten we nu op?’ Hij onderzoekt de betekenis van dit allereerste Nederlandse zinnetje dat gevonden is op een schutblad van een boek uit de benedictijner abdij van Rochester in het Engelse Kent. Is het een minnedichtje, gaat het over het verlangen naar de warmte van het klooster of gaat het over een mystiek Godsverlangen?Of was het gewoon een monnik met lentekriebels en was dit zinnetje slechts een ‘probatio pennae?’ De verliefde monnik die dichter geworden is. Komrij schrijft: ‘Lees het zinnetje zoals het er staat. De ritmische en emotionele sequentie, gevat in een metafoor- ik en jij zijn als vogels- maakt dit heldere gedachtenbeeld in een spanningsveld van klanken tot lyriek, tot een gedicht.’

 

Zou het zo kunnen zijn dat de dichter van de regels in de 12e eeuw dit schreef vanuit de toren van de kerk in Pingjum? Het kunstwerk bestaat uit twee delen. Het eerste beeld (h:3,5m) staat op de achtkantige fundering van de oude volière. Het is een tentje, een poortvorm met daarin een paradijslijke vogel. Het tentje is bedekt met rozen. Het lijkt op het haagje van de ´Hortus Conclusus´, de besloten tuin. Verderop achter het hek in het tweede deel van de tuin, daar waar de volle fruitboompjes vrucht dragen, staat een tweede vogel. De vogels kijken elkaar aan. Zij weten wat de monnik geschreven heeft.